De laatste tijd schreef ik niet met pen en papier in een notitieboek. Ik schreef met ChatGPT. Zo werd mijn tekst meteen geanalyseerd en daar houd ik van.
Maar wat heb ik daar nu echt aan?
Soms is ChatGPT een verrassende spiegel. Vaker wekt het irritatie. Bovenal verliest het journalen zijn functie.
Afgelopen week pakte ik mijn notitieboek weer. Ik schreef gedachten, gevoelens, ervaringen. Nu kreeg ik niet direct binnen 30 seconden een analyse, maar kon ik zelf nadenken over wat ik had opgeschreven. Kon ik voelen wat er in mijn lijf gebeurde, zonder direct verlichting te ervaren van een antwoord.
Als ik in ChatGPT schrijf, voel ik adrenaline. De opwinding van het krijgen van nieuwe inzichten. Als ik schrijf met pen en papier, kom ik tot rust. In staat om gedachten toe te vertrouwen aan het papier en ze echt los te laten.
Een paar dagen later schreef iemand me via Instagram dat de prompt die ik ooit had gedeeld haar geholpen had. Ik glimlachte. Die zin had mij ook geholpen. En daar kan ChatGPT niets mee. Probeer het zelf eens.
Als ik heel eerlijk ben…
Deze zin gebruik ik nog steeds vaak. Bij een onrustig gevoel in mijn buik. Of bij chaos in mijn hoofd.
