Natuurlijk heb ik een echte kerstboom in huis staan. Dat kan ook niet anders als vrouw van een kerstbomenkweker.
Maar eerlijk is eerlijk: ook als dat niet zo was geweest, had ik er een gehad.
Een echte kerstboom is voor mij traditie en nostalgie. Ik zie mezelf als kind op een veldje, op zoek naar de boom. Grappig detail: mijn schoonvader verkocht daar toen kerstbomen en mijn huidige man liep daar waarschijnlijk ook rond.
Steeds vaker hoor je dat een echte kerstboom niet duurzaam zou zijn. Je kapt toch een boom. Maar een kerstboom wordt gekweekt. En een plastic boom die in China wordt geproduceerd, voelt voor mij ook niet bepaald duurzaam.
Die discussie wil ik hier niet voeren.
Ik wil het hebben over vergankelijkheid.
Wat is er mooi aan een perfecte plastic boom? Een die geen naald laat vallen en er elk jaar hetzelfde uitziet, op de ballen na.
Juist het uitzoeken van de boom. De imperfecties. Dat hij elk jaar anders is. Dat hij na een paar weken minder fris staat. Dat de naaldjes langzaam gaan hangen.
Dat je getuige bent van dat proces, midden in de donkerste dagen van het jaar.
Dagen waarin we denken aan dierbaren die er niet meer zijn. Aan kerstmissen die zij nog wel met ons vierden. Aan onze kindertijd, met een mengeling van heimwee en geluk.
We horen dezelfde kerstnummers als toen. We voelen hoe snel de tijd gaat. We beseffen dat er weer een jaar voorbij is. En we zijn dankbaar voor de mensen die nu bij ons zijn.
En zoals de tijd verstrijkt, moet ook de boom uiteindelijk de huiskamer verlaten. Om ruimte te maken voor iets nieuws.
De boom wordt niet afgedankt. Hij groeide op ons land, werd verzorgd door ons, in vorm gehouden door onze handen. Op het hoogtepunt van zijn leven staat hij te stralen in de woonkamer, omringd door warmte en liefde.
Het leven is niet eeuwig. Het leven is vergankelijk.
En misschien herinnert de kerstboom ons daar elk jaar weer aan: dat niets voor altijd duurt en dat we mogen genieten van de tijd die we samen hebben.
Na de feestdagen mag de boom naar buiten. Hij wordt tot compost gemaakt en weer verspreid over het land, zodat hij voeding wordt voor nieuw gewas.
Zo is de cirkel rond.
