Ik draai nog een keer om. Door de spleet naast het vouwgordijn zie ik dat het nog donker is. Ik reik naar mijn telefoon op het nachtkastje: 4.30 uur. Mijn hoofd voelt zwaar en alles wat ik nog moet en wil doen passeert mijn gedachten. Slapen lukt niet meer.
Na de zomervakantie is mijn agenda snel volgelopen. Het is niet een ding dat daarvoor verantwoordelijk is. Ik heb een keurige weekplanning gemaakt, maar toch voelt het als te veel. Ik weet dat ik moet kiezen om de rust terug te brengen. Maar waar begin ik?
De bruiloft van mijn zus, een werkproject dat aandacht vraagt, het kerstbomenseizoen waarvan de orders in september moeten worden verwerkt, het schaatsseizoen dat begint, het verlangen om meer te schrijven, een studie psychologie die ik weer wil oppakken, zonnige dagen waarop ik wil fietsen en een wasmand die elke dag tot de nok vol is
Kortom: versnippering. Mijn eerste reactie: nog strakker plannen met als gevolg nog meer versnippering en nog meer stress.
Dan begrijp ik dat dit niet helpt en ga ik over op het volgende noodplan: zoveel mogelijk sociale en sportieve activiteiten schrappen. Tijdelijk geeft dat ruimte. Maar er zijn dan geen momenten om op te laden en loopt mijn batterij alsnog langzaam leeg.
Zo houd ik mezelf gaande.
Tijd om het anders te doen. De belangrijke zaken met een harde deadline hebben prioriteit: de bruiloft van mijn zus en het werk op de kerstbomenkwekerij. Evenals de zaken die ik graag doe en mij energie geven: naar de trainingen van mijn kinderen en sporten met vriendinnen. De rest wacht.
Nu ik dit zo opschrijf, geeft het meteen ruimte (deze hele blog is therapie voor mij).
Komende nacht slaap ik door tot het zonlicht langs het vouwgordijn schijnt.
