Het vakantieparadijs

Buiten adem boven aan de trap staan, nog een keer omkijkend naar zee waar het zonlicht danst op de golven. Dan de trap naar beneden nemen, de warmte van de zon die langzaam mijn rug verlaat. Mijn krullen hard van het zout en in de verte de camping zien liggen. Vervolgens in de rij bij de douches en hopen dat ik dit keer wel de shampoo uit mijn haar gewassen krijg voordat de timer vindt dat ik lang genoeg gedoucht heb. ’s Avonds verzamelen bij het speeltuintje of in het toiletgebouw kijken hoe de oudere meiden zich opmaken en de camping verlaten om naar de discotheek te gaan. De dag ernaar weer die heuvel oplopen met de sleutel van ‘ons strandhuisje’ in mijn hand. Altijd boven op de duin kijken naar de zee, hoe zijn de golven vandaag? Wordt het al vloed? Moeten we door het mulle zand lopen of kunnen we over ‘het harde’?

Zo waren de vakantiedagen uit mijn jeugd; oneindig zomerplezier. En ik realiseer me dat ik ze mooier maak dan ze in werkelijkheid waren. Ik weet dat het ook regende tijdens deze vakanties aan de Zeeuwse kust en toch scheen in mijn herinnering vaak de zon. We schreven altijd op de kaart naar oma dat het 30 graden was. We wisten dat we hadden overdreven.

Met die herinnering in gedachte wilde ik weer eens kamperen met mijn gezin. Vorig jaar gingen we voor het eerst met eigen tent naar een kleinschalige camping in de Franse Drôme. Alles was zoals het volgens mijn herinnering moest zijn. Een simpel maar schoon toiletgebouw, mensen die een praatje met je maakten bij de afwas, buren die gedag zeiden, mijn kinderen die zelf naar het zwembad of de rivier gingen en met anderen speelden. Ik die uren lang op een luchtbedje op de rivier dobberde of me al gillend mee liet voeren door de stroomversnelling van diezelfde rivier. En ja, soms ook in de rij bij de douche. En tijdens een heftige onweersbui je tent vasthouden en een buurman die vraagt of je oké bent en hulp nodig hebt. Dat is voor mij het echte campinggevoel. Het is altijd een beetje afzien. En misschien is dat wel wat het zo betekenisvol maakt.

Niet dat ik wars ben van comfort, in tegendeel. Ik liet me dit jaar verleiden om de eigen tent thuis te laten. Want het was wel erg vol in de auto vorig jaar. Twee weken voor de geplande vakantieperiode boekte ik een vakantie. De paniek sloeg een beetje toe, de tijd begon te dringen, er waren allerlei eisen en de keuze was niet meer reuze. Ik was blij dat ik eindelijk wat gevonden had dat in een dag te berijden was en op de foto’s prima leek. Het werd een gehuurde tent op een camping die van alle gemakken voorzien was. Zwembad met glijbanen, meer bij de camping, animatie en sportactiviteiten van vroeg tot laat, een campingwinkel, een bar, een restaurant. Comfort en gemak dat had ik geboekt.  Zo leek het ook toen we kwamen aanrijden en de vlaggen wapperden in de wind boven de vier gouden sterren die op de muur bij de campingingang prijkten.

Eenmaal daar aangekomen waren er vooral heel veel stacaravans en tenten, zo dicht mogelijk op elkaar. De speeltuin was groot maar ook vol mensen. Vier pingpongtafels die vrijwel continue bezet waren. Het zwembad was groot met echt veel ligbedden waarvan er nooit een beschikbaar was omdat ze bezet werden gehouden door Nederlandse strandlakens. Onze gehuurde tent was prima. De koelkast stond aan, er was een parasol en een ligbed. De matrassen waren te zacht en het bed was klein, maar dat is een luchtbed ook waar we een jaar eerder op sliepen. De auto kon naast de tent. Wat wil een mens nog meer? Dat werd al snel duidelijk. Er waren luxere accommodaties met vaatwasser, airco, uitzicht op het meer en op ruimere plekken op een vip-gedeelte van de camping. Hoewel wij er in comfort op vooruit waren gegaan ten opzichte van een jaar eerder, kon het altijd beter. Toch voelde het op geen enkel ogenblik beter als op de eenvoudige camping waar we vorig jaar waren.

Het klinkt ondankbaar. In de tijd dat wij daar in comfort genieten van onze vakantie en de enige problemen die we ervaren een vies toilet is, herrie bij de buren en een overvolle speeltuin, zijn er mensen die in een bootje de Middellandse zee oversteken en mensen die de prullenbakken afstruinen op zoek naar eten. Wat is nu precies het (luxe) probleem waar wij mee kampen?

Toen ik me daar in het ogenschijnlijke vakantieparadijs waande, vond ik de camping verdacht veel lijken op onze maatschappij.

Toen ik me daar in het ogenschijnlijke vakantieparadijs waande, vond ik de camping verdacht veel lijken op onze maatschappij. Op het eerste gezicht is het een fantastische plek, voorzien van alle gemakken en comfort. Alles is binnen handbereik. Verveling ligt nooit op de loer. Alles is er in overvloed. Aan alles is gedacht. Het hoeft ons aan niets te ontbreken. En toch voelen velen die maar… Een gevoel van alles hebben en toch leegte ervaren. Dus gaan we op zoek naar iets om die leegte op te vullen.

Daar wisten Pine & Gilmore, die het boek de beleveniseconomie schreven, wel raad mee. Zij introduceerde een concept dat stelt dat economische waarde wordt gecreëerd door het bieden van memorabele en betekenisvolle ervaring: de beleveniseconomie. We leven in een tijd waarin consumenten steeds meer keuzemogelijkheden hebben en gemakkelijk toegang hebben tot producten en diensten. Als bedrijven zich willen onderscheiden kunnen ze dat doen door het creëren van unieke en gedenkwaardige ervaringen.

Bedrijven beloven met hun product of dienst een bepaalde waarde toe te voegen aan het leven van de consument. Een waardepropositie heet dat. De beleveniseconomie is zo’n waardepropositie. In de loop der tijd is de inhoud van zo’n waardepropositie geevolueerd. Als we het voorbeeld van de camping hanteren, zien we welke plek de beleveniseconomie inneemt.

Commodificatie – hierbij gaat het om goederen.
Een camping richt zich op basisfaciliteiten en voorzieningen, zoals kampeerplaatsen, sanitaire voorzieningen en misschien een eenvoudig speelterrein. De nadruk ligt op het aanbieden van een betaalbare plek om te kamperen zonder veel extra’s.

Diensteneconomie – hierbij gaat het om diensten.
Om te onderscheiden kan de camping verschillende diensten toevoegen, zoals het verhuren van kampeermaterialen (gasflessen, koelkasten bijvoorbeeld). Of het aanbieden van kampeeraccommodaties (tenten, stacaravans). Ook het geven van informatie over de omgeving en een klantgerichte receptie passen hierbij.

Beleveniseconomie –  hierbij gaat het om de beleving.
De camping plaats nu de beleving naar de voorgrond. Dat kan door het organiseren van thema-avonden, activiteiten voor kinderen en tieners. Een waterpark met glijbanen en een wildwaterbaan om avontuur te creëren.

Transformatie-economie – hierbij gaat het om transformatie.
De camping als plek om je levensstijl aan te passen. Denk hierbij aan retraites gericht op persoonlijke groei door bijvoorbeeld het aanbieden van yoga en mindfulness. In combinatie met workshops en meditatie in de natuur.

Het klinkt toch geweldig, op de camping je leven transformeren. Beter terugkomen dan je heen ging.

Het klinkt toch geweldig, op de camping je leven transformeren. Beter terugkomen dan je heen ging. Wat er gebeurt is dat we langzaam uit het oog verliezen waar het écht omgaat. Als iedereen de was doet met de hand en de wasmachine komt op de markt, dan verkoopt dat product zichzelf. De was is sneller gedaan met de machines dan met de hand, dus er is tijd over. Een welkome oplossing als je een gezin hebt met tien kinderen en de was met de hand moet doen. We leven nu in een andere tijd, de meeste producten en diensten zijn volop beschikbaar en dus verkopen ze zichzelf niet alleen door het feit dat ze er zijn. Er moet waarde aan worden toegevoegd om ze interessant te maken voor de consument. Zo volgen diensten, belevenis en transformatie elkaar op. Het doel is nog steeds het product verkopen en daar zijn consumenten zich niet altijd bewust van. Zo gaat het bij de beleveniseconomie over het koppelen van de belevenis aan een product of dienst. Het product of dienst an sich is de belevenis niet. Je kan een unieke ervaring hebben op een surfplank, maar zwemmen in een rivier kan net zo goed een unieke belevenis zijn. De herinnering en de betekenis die je eraan geeft creëer je zelf, maar de marketing manager wil jou graag doen geloven dat de belevenis onlosmakelijk verbonden is met het product of dienst.

We leven dus in een tijd waarin we alles lijken te hebben wat we nodig hebben en toch ervaren we een leeg gevoel, terwijl we voldoening verwachten.

We leven dus in een tijd waarin we alles lijken te hebben wat we nodig hebben en toch ervaren we een leeg gevoel, terwijl we voldoening verwachten. Hoe kan het dat je met een overvloed aan comfort, gemak en ervaringen uiteindelijk toch een gevoel van leegte kan ervaren? Volgens mij is er sprake van een comfortparadox.

Wij denken dat een hoge mate van comfort en gemak ons vreugde brengt. In een bepaalde mate klopt het dat comfort ons levensgeluk brengt. Ik moet er niet aan denken om te leven zonder schoon drink water, zonder een toilet in mijn huis of te moeten jagen voor mijn eten. Het verband tussen materiële welvaart en geluk is complex. Hoewel materiële rijkdom enigszins bijdraagt aan geluk, is het verband niet lineair. Dus als je basisbehoeften vervuld zijn, draagt extra materiele bezittingen niet per se bij aan het vergroten van je geluksgevoel.

Volgens mij is er sprake van een comfortparadox.

Bovendien is het zo dat mensen de neiging hebben om snel te wennen aan nieuwe materiële bezittingen en omstandigheden. Dit fenomeen heet hedonistische aanpassing en kan leiden tot een tijdelijke toename van geluk na het verwerven van iets nieuws. Echter vervaagt dit geluksgevoel na verloop van tijd. Kortom, we wennen aan nieuwe ervaringen en bezittingen. Aan nieuwe vormen van comfort en gemak.

Zodra we eraan gewend zijn, gaan we weer op zoek naar die nieuwe bijzondere ervaring. Als blijkt dat de ervaring niet aan je verwachtingen voldoet of het geluksgevoel houdt maar even aan, gaat de zoektocht weer verder. Met geen of slechts kortstondige voldoening als gevolg. De teleurstelling van jouw ervaring kan ook worden veroorzaakt doordat je jouw ervaring vergelijkt met die van anderen, bijvoorbeeld op social media. Bovendien ervaar je een druk om zelf ook te laten zien hoe leuk je het hebt. Social media is niet de echte wereld. Het leven wat mensen daar laten zien, is niet het echte leven. Uiteraard weten we dit, maar onszelf daar zo nu en dan weer aan herinneren kan geen kwaad.

Als het gaat om de comfortparadox, weten we inmiddels dat meer comfort niet leidt tot een groter geluksgevoel en zelfs kan zorgen voor een gevoel van leegte, een gemis aan betekenis. Dus uitsluitend gemak dient de mens niet. Er is een balans nodig tussen uitdaging en gemak.

Afgelopen vakantie besloten we de comfortabele camping vooral te verlaten en een wandeling te maken langs negen watervallen. We begonnen onderaan de heuvel en liepen omhoog over wandelpaden en trappen, vervolgens ging de rit weer naar beneden. Eenmaal weer beneden, ploften we neer op het simpele terras. Plastic stoelen in de schaduw van het bladerendek van de grote bomen. We dronken een groot glas Schweppes Agrum met ijsblokjes. Het was het lekkerste glas frisdrank dat ik die vakantie gedronken had. Als er te gemakkelijk in je behoeften wordt voorzien, wordt je daar niet per se blijer van. Een beetje afzien geeft voldoening.

De vraag is hoeveel comfort en gemak heb je echt nodig? Vervult het de leegte in jezelf? Hoe kun je wat uitdaging tegenover al dat gemak zetten?

Tot slot nog even terug naar de zomers aan de Zeeuwse kust. Een aantal jaren geleden ging ik met mijn gezin naar Zeeland. We huurden een strandhuisje, net zoals vroeger. De hele inventaris van het strandhuisje was nog precies hetzelfde gebleven, evenals de sleutel en de kleuren aan de buitenkant. Het ontroerde mij tot tranen. Hier was geen extra comfort nodig, omdat de ervaring van voor het strandhuisje in de strandstoel zitten met mijn voeten in het zand meer dan genoeg betekenis heeft voor mij. Het doet me herinneren aan mijn kinderjaren en het doet me denken aan hoe ik mijn leven  hoop doorbrengen als oude vrouw. Als kind zag ik in de rij bij ons strandhuisje twee oude mensen zitten. Wit haar, bruine huid getekend door zon en zee. Toen wist ik het al, als ik later oud ben dan zit ik hier. Met mijn voeten in het zand, turend naar de zon die zijn licht laat schijnen op de zee. Dat is voor mij belevenis en daar hoeft het woord economie niet achteraan geplakt te worden.

Abonneer
Laat het weten als er
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
0
Ik ben benieuwd wat jij vindt, laat een reactie achter.x